Spraak en taal

Hoe goed is de talenkennis van Nederlanders?

Hoe goed is de talenkennis van Nederlanders?

De vakantieperiode is weer aangebroken. De ideale tijd om eropuit te trekken met je ouders, alleen of met vrienden. Misschien ga je wel naar de camping in Zuid-Frankrijk of naar écht verre oorden als Egypte of Australië?

Het is dan natuurlijk verrekte handig wanneer je een 'aardig woordje over de grens' kunt babbelen. Want tenzij je naar Suriname, Zuid-Afrika, België of de Antillen gaat, kom je met het Nederlands niet heel ver bij de hotelbalie. Maar hoe zit het eigenlijk met onze talenkennis?

Nederlanders en de Engelse taal

We mogen trots zijn. Veel Nederlanders spreken een aardig woordje Engels, dat blijkt ook uit onderzoek waarin Nederland enkele jaren als de allerbeste uit de bus kwam wanneer het aankomt op kennis van het Engels als tweede taal.

Het is recent een beetje stuivertje wisselen met landen als Denemarken, Zweden, Noorwegen en het verre Singapore, maar zo’n 92% van alle Nederlanders geeft aan een gesprekje te kunnen voeren in het Engels. Dat is dus best indrukwekkend.

Niettemin is er altijd ruimte voor verbetering. Het onderzoek heeft niet getest hoe goed we dan wel niet uit onze woorden komen en wat men exact verstaat onder 'kunnen converseren in het Engels'. Mocht jij toch niet zo goed Engels spreken, niet gevreesd. Uit andere onderzoeken blijkt namelijk dat mensen hun talenkennis dikwijls schromelijk overschatten.

Zo bleek uit een onderzoek van de Radboud Universiteit bij tien Nederlandse organisaties met meer dan 500 werknemers dat een kwart van de onderzochte personen nauwelijks boven het beginnersniveau uitkwam, terwijl ze zichzelf als gevorderde of zelfs vergevorderde beschouwden. Leidinggevenden schatten zichzelf het hoogst in, terwijl de helft van hen als half-gevorderd of minder uit de bus kwam. Een beetje zelfoverschatting is ons dus niet vreemd.

Nu gaat dat in een professionele omgeving niet bepaald op, maar er is natuurlijk ook niet veel mis met een beetje steenkolenengels op zijn tijd. Het belangrijkste is kunnen en willen communiceren en daarin zijn wij als volk een kei.

Nederlanders en andere vreemde talen

Ook wanneer het aankomt op de talenkennis van Nederlanders in het algemeen, moeten we de loftrompet steken. Volgens onderzoek spreken de Nederlanders gemiddeld 3,2 talen. Dit zijn doorgaans Nederlands, Engels en bijvoorbeeld Frans of Duits, of in het geval mensen met een immigratieachtergrond soms Turks, Arabisch of Grieks.

Daarmee laten we, op Luxemburg na, iedereen achter ons. Van alle Europeanen kan 39% van de bevolking tenminste in één vreemde taal uit de voeten. Wij zitten dus ver boven dat gemiddelde.

Van onze landgenoten spreekt er 92% Engels, 71% Duits en 29% Frans op een redelijk niveau. Een schril contrast met landen als het Verenigd Koninkrijk, Ierland of Portugal, waar gemiddeld maar 1,6 talen gesproken worden.

Waarom zijn die vreemde talen zo belangrijk voor ons?

Waarom scoren Nederlanders zo goed en Britten zo slecht? Het belangrijkste antwoord daarvoor laat zich natuurlijk raden: Het Nederlands is een erg kleine taal. Met Engels kun je bijna overal wel je natje en je droogje veiligstellen, maar met alleen het Nederlands gaat dat echt niet. En als wij Nederlanders een ding zijn, is het praktisch.

We moeten óók in het buitenland natuurlijk kunnen steggelen over de prijs en precies weten wat er allemaal te doen valt. Daarnaast vinden we het ook nog eens ontzettend tof wanneer iemand een vreemde taal vloeiend spreekt.

Veel Nederlanders hebben veel respect voor mensen die welbespraakt en moeiteloos in een andere taal converseren. Soms vinden we het ook een tikkeltje irritant of uitsloverig, maar dat is weer een ander verhaal.

Onze talenkennis is goed, maar we willen graag meer leren

Kortom, wij weten onze plaats op het wereldtoneel en weten dat we ons internationaal verstaanbaar moeten maken. Daarom begint de jeugd in Nederland al op zeer jonge leeftijd met het leren van nieuwe talen en wordt de wat oudere jeugd op de universiteit blootgesteld aan colleges in het Engels.

Daarnaast komen wij ook in het dagelijks leven doorlopend in aanraking met vreemde talen. Woon je bij de Duitse grens dan is het ‘jawohl’ en ‘bitte’. Zet je de televisie aan dan vliegt het Amerikaans je om de oren (het is dan ook niet vreemd dat ons Engels meer Amerikaans is dan Brits).

Ook reizen Nederlanders ontzettend veel naar het buitenland en zijn onze landsgrenzen vaak te beperkend voor het doen van zaken of het vinden van een partner. Veel mensen volgen bijles en talencursussen, of gaan drie maanden backpacken in Zuid-Amerika om hun Spaans te verbeteren.

Wat jouw reden ook is, het leren en verbeteren van een taal is altijd zinvol.

0 reacties op dit artikel

Plaats een reactie

Je e-mailadres zal niet worden gepubliceerd. Reageren met je eigen account? Log hier in.

Volg BijlesNederland op Facebook!